Contact

Bezoekadres:

Kromme Nieuwegracht 70
3512 HL Utrecht

Postadres:

Postbus 532
3500 AM Utrecht

Contactgegevens:
  • T. +31(0)30 239 38 90
  • F. +31(0)30 239 38 91
  • info@vredevanutrecht.nl
Religie rond de Vrede van Utrecht: Oorlog & godsdienstbeleving
Posted: 27-4-2010 16:36:12 by | with 0 comments
Wat heeft religie te maken met de Vrede van Utrecht? In eerste instantie zouden wij in onze huidige tijd religie en politiek misschien niet meer zo verbinden. In de zeventiende eeuw speelde religie in de politiek echter een veel grotere rol dan nu. Er zijn drie ontwikkelingen die erg interessant zijn:
 
1. Religie was een hot-item en men zat elkaar dan ook regelmatig in de haren tijdens de zgn. godsdienstoorlogen in deze eeuw.
2. Door Reformatie en Verlichting ontstaat er een omslagpunt in het denken over wat ‘ware religie’ nou eigenlijk is en wat haar plaats zou moeten zijn.
3. Godsdienstvrijheid en tolerantie worden belangrijke thema’s. Dit komt door de opkomst van een nieuwe godsdienstbeleving en daarmee dus ook meer mogelijkheden in het kiezen van je geloof dan slechts deRooms-Katholieke Kerk.
 
Maar wat betekent godsdienstvrijheid en tolerantie vandaag de dag als we de Vrede van Utrecht als uitgangspunt nemen?
Godsdienst oorlogen in de 17e eeuw.
 
Oorlogen en de Vrede van Westfalen
De godsdienstoorlogen in de zestiende en zeventiende eeuw hadden de naam over religieuze kwesties te gaan. In werkelijkheid lag de kern van deze oorlogen, zoals de Tachtigjarige Oorlog en de Spaanse Successieoorlog, meestal op het vlak van de dynastieke en politieke belangen. Soms werden religieuze belangen en standpunten zelfs opzij gezet, als de politieke belangen in gevaar kwamen.
 
De Vrede van Westfalen wordt vaak beschouwd als het einde van de godsdienstoorlogen. Bij deze vrede werden de afspraken van de Vrede van Augsburg opnieuw ingevoerd, zodat elke staat de vrijheid had om haar eigen religie te kiezen. Dit werkte het ontstaan van de zogeheten ‘confessionele staten’ in de hand, waarbij de vorst van een willekeurig land de religie koos die voor hem het handigst was in het creëren van eenheid onder zijn onderdanen. Hij voerde de uitverkoren godsdienst desnoods onder dwang in, waarbij hij werd geholpen door de kerk van zijn keuze, die staatsaangelegenheden met rituelen en symboliek omlijstte. Religie werd de kracht van elke staat.
 
Problemen in Engeland en Schotland.
Toch blijkt uit de tweede helft van de zeventiende eeuw dat de Vrede van Westfalen niet definitief het einde betekende van de strijd op religieus gebied. Er ontstonden grote problemen in de confessionele staten, doordat er bijvoorbeeld grote minderheden binnen een land waren die een andere godsdienst aanhingen. Het gebeurde ook dat er zelfs binnen de staatskerk verschillen en onenigheden waren, zoals in Engeland. Daar was de koning of koningin sinds het begin van de zeventiende eeuw zowel hoofd van de Church of England als van de Church of Scotland. De eerste kerk was Anglicaans, de tweede presbyteriaans. Dat zorgde natuurlijk voor een onhoudbare positie voor de Engelse vorst. Nog een probleem in de confessionele staten was de frequente wisseling van dynastieën. Dat betekende, dat wanneer er een nieuwe dynastie aan de macht kwam, zij vaak ook de bestaande staatsgodsdienst inwisselden voor een andere. Dat zorgde voor veel onrust onder de bevolking.  
 
 
In de zestiende en zeventiende deze eeuw probeerden onder andere de Duitser Maarten Luther, de Zwitser Huldrych Zwingli en de Fransman Johannes Calvijn terug te keren naar de basis van het christelijk geloof, zoals die in de eerste en tweede eeuw was geweest. Zij meenden dat men toen nog leefde zoals Jezus Christus en de apostelen het bedoeld hadden. Zo ontstonden er in de 16e eeuw verschillende bewegingen die zich in meer of mindere mate afzetten tegen de Rooms-katholieke kerk. Deze bewegingen worden samengevat in de term Reformatie, wat Hervorming betekent. Deze beweging is later misschien beter bekend als protestantisme.
In de reformatie speelden deze twee dingen een belangrijke rol:
Terugkeer naar de oorsprong van het geloof, de Bijbel.
Vertaling van de Bijbel in de taal van het volk.
 
De katholieke tegenreactie: Contrareformatie.
Aanvankelijk leken de protestanten veel steun te krijgen onder verschillende bevolkingsgroepen, voornamelijk in Frankrijk, Zwitserland, Engeland en het Duitse rijk. Niets was minder waar: door de Contrareformatie (de tegen beweging van de Reformatie) werd het Rooms-katholicisme weer sterker. Dit leidde ertoe dat het tijd werd voor grondig zelfonderzoek van de protestanten. De protestanten, die meenden dat zij terug keerden naar de essentie van het geloof en daarin de steun van God kregen, waren er daarom van overtuigd dat zij aanhangers waren van de zogenaamde ‘ware religie’. Door de opkomende wetenschap ondernam men pogingen tot het ontwikkelen van nieuwe zekerheden, nieuwe vormen van theologie. De opkomst van de natuurwetenschappen veroorzaakten veel commotie en mede door de nieuwe aandacht voor de Bijbel kwam er ook ruimte voor de wetenschappelijke bestudering van de Bijbel.
 
De reformatie was ook een vernieuwing op het gebied van de geloofsbeleving. Er was volgens de protestanten veel mis in de Katholieke kerk en er was dus ook vernieuwing nodig. Binnen de beweging van protestantse denkers ontstond, sterk onder invloed van de Verlichting een sterke afkeer van de volgende drie praktijken, die voorkwamen in bepaalde christelijke stromingen: ,
 
 
De Vrede van Utrecht luidt een voorlopig einde in van de godsdienstoorlogen en loopt uit op een periode waarin deze typische verlichte ideale godsdienstbeleving de toon zet.
 
Hooghe
Een praktisch voorbeeld van de nieuwe beleving – Een kritische blik op de kerk.
 
Romeyn de Hooghe, een schilder uit de 17e eeuw, verbeeldde deze praktijken als kritiek op deze verkeerde religieuze houdingen. Aan de hand van deze ets wordt hier meer over verteld.
 
Kritiek op de kerk: Ets van Romeyn de Hooghe
Op deze prent is het lutheranisme verbeeld. De vrouw in het midden van de afbeelding draagt een mijter en een rooms-katholiek kerkgewaad. De zwaan naast haar duidt er op dat zij een voorvechter van het lutheranisme is. Een bezwaar tegen de Lutheranen was dat zij zich niet volledig hadden afgekeerd van het rooms-katholieke geloof vanwege de invulling van hun erediensten.  Zij heeft een zwaard in haar hand om de Confessie van Augsburg, de lutherse geloofsbelijdenis, te verdedigen. De afbeelding leert ons dat je als christen het beste gematigd kan zijn en je niet moet laten afleiden van het ware geloof door fanatisme, superstitie of enthousiasme.
 
A) Fanatisme
Links boven in de hoek van de afbeelding zien we ‘fanatisme’. Fanatici waren geestelijken of andere gelovigen die zich macht toeëigenden boven de staat. Zij verhieven zich boven de kroon (onder de buste van het staatshoofd, midden-boven) en meenden meer gezag te hebben op basis van hun overtuiging.
 
B) Superstitie
Een tweede fenomeen waar verzet tegen was, werd bijgeloof of ‘superstitie’ genoemd. Hieronder verstond men alle dingen die de kerk en geestelijken voorschreven die er helemaal niet toe doen en geen toegevoegde waarde hebben voor het geloof. Dit heeft De Hooghe rechtsonder afgebeeld in de gestalte van een vrouw die aan het bidden is aan de hand van een rozenkrans, een ketting met hetzelfde vaste gebed voor elke kraal. Het konijn op haar schoot staat symbool voor het bijgeloof. Naast haar zit een geestelijke met zijn arm om haar heen geslagen en zijn hand in haar beurs.
 
C) Enthousiasme
Rechts boven op de ets zijn twee naakte personen te zien. Zij verbeeldden het ‘enthousiasme’. Onder enthousiasme verstond men geestdrijverij. Kortom, het beroepen op het gezag van dingen die gaan over direct contact met God, zoals in dromen of profeten. De duif staat symbool voor de Heilige Geest, waar zij vaak een gezagsberoep op deden. De afgebeelde mannen zijn aanhangers van Jan van Leiden. Zij waren ‘wederdopers’ en onder de leiding van Jan van Leiden meenden zij dat het duizendjarig vrederijk was aangebroken, een periode van duizend jaar voordat Jezus Christus als rechter terug zou komen naar de aarde, als de eindtijd is aangebroken. In Munster liepen zij dan ook naakt rond en deelden zij al hun bezittingen. Deze praktijken werden met geweld beëindigd door de bisschop en de voormannen van de wederdopers in Munster werden gemarteld en in een kooi, ten voorbeeld, aan de kerktoren op gehangen. Enthousiasme was dan ook de ergste van de drie, want het leidde tot fanatisme en superstitie. Als iemand zegt dat God hem heeft verteld oorlog te voeren of een kerk te stichten of naakt te gaan lopen, ondermijnt hij hiermee het gezag van de staat en gaat hij dingen doen die niet noodzakelijk zijn voor het geloof.
 
In de protestantse kerken in Nederland is in diezelfde periode een verrassende ontwikkeling waar te nemen. De Nederlandse republiek was een protestantse natie en noemde zich ook zo. Wat opvalt, is dat er ondanks dat tamelijk veel tolerantie te merken is naar andere religieuze groepen.
 
De kerk en het vaderland
Als men sprak over de Nederlandse republiek dan had men het over het protestantse vaderland. Hoewel Nederland dus een protestante natie is blijkt dat er veel tolerantie aanwezig is naar andere groepen, zoals katholieken. Groepen die door Lodewijk XIV uit Frankrijk werden gezet waren welkom in Nederland. Uit teksten uit deze tijd blijkt dat men die ook beschouwde als onderdeel van de republiek.
 
Ondanks dat de katholieken misschien niet het goede geloof beleden volgens de protestanten, mochten ze toch openlijk deel uitmaken van de Nederlandse natie. In de loop van de 18e eeuw groeit dus ook het aantal katholieken in Nederland.
Het feit dat men de stadhouder steunde was voor de staat veel belangrijker dan het hebben van de goede geloofsbelijdenis.
 
Tot slot
Terugkomend op de relevantie van religie voor de Vrede van Utrecht, kunnen we concluderen dat de al dan niet tolerantie houding in religieuze zaken jegens anderen van groot belang is voor de eenheid in de 17e-eeuwse staten. We zien telkens weer dat staten met een intolerante kijk naar de religie van een bepaalde bevolkingsgroep, zich op den duur gedwongen zien hun zienswijze te corrigeren, omdat deze intolerantie funest blijkt voor het voortbestaan van de staat en het gezag van de regering. Tolerantie is eigenlijk de kern van de Vrede van Utrecht: tolerantie in de politiek en tolerantie in religie moeten de Vrede handhaven. Tolerantie was, is en blijft noodzakelijk voor de goede harmonie tussen staten, maar vooral tussen mensen. Dat betekent dat de Vrede van Utrecht en haar grondbeginselen altijd hun waarde blijven houden.
 
Dit is zeker, maar wat betekent die tolerantie voor ons, nu? De waarde van de Vrede van Utrecht is duidelijk, maar herkennen wij die waarde? Hoe gaan wij bijvoorbeeld om met anderen, bijvoorbeeld de (religieuze) minderheden in ons land? We kunnen de Vrede van Utrecht in 2013 met een groots feest herdenken, maar dringen we ook door tot de kern?

Projectweek Veenendaal

Vrede van Utrecht op School