Contact

Bezoekadres:

Kromme Nieuwegracht 70
3512 HL Utrecht

Postadres:

Postbus 532
3500 AM Utrecht

Contactgegevens:
  • T. +31(0)30 239 38 90
  • F. +31(0)30 239 38 91
  • info@vredevanutrecht.nl
De opkomst en neergang van de economie van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
Posted: 27-4-2010 11:42:29 by | with 0 comments

Inleiding
De economie heeft een erg belangrijke rol gespeeld in de opkomst van de Republiek in de zeventiende eeuw. In de Gouden Eeuw groeide de Republiek uit tot het centrum van de wereldhandel. Na zich vrijgevochten te hebben van het Spaanse gezag, in het begin van de zeventiende eeuw, ontwikkelde het land zich tot een internationale grootmacht. Zowel in Azië en Afrika als in Amerika beschikte de Republiek over een aantal zeer winstgevende koloniën. In de nieuwe wereldeconomie ging Amsterdam een zeer belangrijke rol spelen. In de loop van de zeventiende eeuw vond er echter langzamerhand een omslag plaats in de machtsbalans. De Republiek begon terrein te verliezen aan andere grootmachten, met name aan Frankrijk en Engeland. De vrede van de Utrecht bezegelde het lot van de Republiek en legde definitief de rol van Engeland als nieuwe economische wereldleider vast.
 
Nadat de prille Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden zich had bevrijd van het Spaanse juk in de Nederlandse Opstand (beter bekend als de Tachtigjarige Oorlog die voortduurde van 1568 tot en met 1648), wist zij zich op te werken tot een van de belangrijkste, zo niet de belangrijkste, spelers op het internationale terrein. In de zogenoemde 'Gouden' zeventiende eeuwwas zij zowel op politiek, economisch als cultureel terrein zeer prominent op het wereldtoneel aanwezig. Op economisch terrein had dit een aantal belangrijke oorzaken.

Een van deze oorzaken is al genoemd, namelijk de bevrijding van het Spaanse overheersing tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Omdat na van de Spanjaarden bevrijd te zijn, het nieuwe 'Nederland' een nieuwe staatsvorm had gekozen, namelijk de Republiek en haar samenleving veel minder door het feodalisme gekenmerkt werd dan in andere landen, was de arbeidsmarkt veel vrijer.
De economische voordelen die deze relatief vrije arbeidsmarkt met zich meebracht, zorgden er bijvoorbeeld voor dat er grote investeringen gedaan konden worden in de in 1602 opgerichte Vereenigde Oost-Indische Compagnie (de VOC).

 
Een andere factor die ervoor zorgde dat de economie in de Republiek tijdens de Gouden Eeuw zo goed liep was het feit dat er in de Republiek een uitgebreide markt bestond voor het lenen en uitlenen van geld. Hierdoor konden mensen, bedrijven of de staat, die graag investeringen of uitgaven wilden doen gebruik maken van iemand anders overschot aan geld. Deze financiële markt vergemakkelijkte dan ook het doen van investeringen in potente bedrijven of staatsorganisaties (zoals de VOC).
 
Het FluitschipEen derde reden voor de economische voorspoed was de technologische voorsprong die de Republiek tijdens de Gouden Eeuw op veel andere landen had. Doordat de Republiek een relatief diverse, open en tolerante samenleving kende, was het gemakkelijker om ideeën en uitvindingen te ontwikkelen. Een bekend voorbeeld hiervan is het fluitschip, dat de Nederlandse zeevaarders een groot voordeel gaf ten opzichte van veel andere zeevarende landen.
 
Een laatste belangrijke oorzaak voor de economische voorspoed die de Republiek in de zeventiende eeuw kende, was de spilfunctie Amsterdam kreeg in de wereldhandel. In Amsterdam begon er langzamerhand een stapelmarkt te ontstaan, waarbij bijna alle informatie, goederen en diensten op een relatief kleine plek aanwezig waren.
 
Ondanks dat de Vrede van Utrecht in 1713 definitieve afbreuk deed aan de rol van supermogendheid die de Republiek de eeuw daarvoor had gespeeld, was economisch gezien de neergang al vanaf de jaren zestig en zeventig van de zeventiende eeuw zichtbaar. Een groot aantal factoren hebben een bijdrage geleverd aan deze economische terugval.
 
Als belangrijkste dient hierbij de opkomst van andere mogendheden aangehaald te worden. In het bijzonder waren Frankrijk op het vasteland en Engeland op zee steeds machtigere concurrenten voor de Republiek. Frankrijk was onder toedoen van de Lodewijk XIV weer een land vol zelfvertrouwen dat tevens beschikte over het grootste leger op het Europese continent. Engeland maakte in de tweede helft van de zeventiende eeuw een woelige periode door. De uitwas van bloedige conflicten tussen parlement en koning betekende in 1688 de zogenoemde Glorious Revolution waarbij het parlement haar macht aanzienlijk wist te vergroten. Het parlement besloot over te gaan op nieuwe forse investeringen in het leger en in het bijzonder de marine.
 
De opkomst van de twee grootmachten zorgde op deze manier voor destabilisatie van het machtsevenwicht en had twee belangrijke gevolgen. Wegens angst voor de ander zag de Republiek zich genoodzaakt om mee te gaan met een dure wapenwedloop die een behoorlijke tol zou eisen op de staatskas. Enerzijds betekende dit hogere belastingen en anderzijds meer kosten voor het leger wat leidde tot een grotere staatsschuld.
 
Als tweede was er door het verstoorde machtsevenwicht sprake van een nieuwe golf van protectionisme. De Republiek beschikte over een kleine thuismarkt en was gebaat bij een volledige vrije markt. Vrije handel waar ook ter wereld was dan ook de basis voor het succes van de Republiek. Het protectionisme was op zijn beurt een gevolg van het heersende mercantilistische gedachtegoed waarbij werd gesteld dat invoerheffingen het land alleen maar ten goede zouden komen.

Drie overige factoren dienen echter nog naar voren te worden gebracht:
Als eerste vond er binnen de Republiek een negatieve ontwikkeling plaats wat betreft de loon-prijs verhouding. In tegenstelling tot andere landen was er een grote starheid van de lonen . Daarnaast daalde de prijzen gestaag.
 
Als tweede kende de veelvuldig geprezen tolerantie van de Republiek ook zijn kanttekeningen. In de tweede helft van de zeventiende eeuw begon de pluralistische samenleving van de Republiek niet meer zijn vruchten af te werpen doordat er sprake was van grote belangenconflicten wat uitmondde in starheid.
 
In dit licht kan de derde factor aangehaald worden. Het moeizame overleg leidde tot een terugval in innovatie, één van de factoren die juist de Republiek zo voortvarend had gemaakt.
 
Conclusie
Om samen te vatten, de Republiek wist tijdens de Gouden zeventiende eeuw zich op te werken tot een van de grootste, zo niet de grootste, economische grootmacht van Europa. De technologische hoogstandjes, de spilfunctie voor Amsterdam op de wereldmarkt, de relatief vrije arbeidsmarkt, de aanwezigheid van goed functionerende financiële instituties en de relatief diverse, open en tolerante samenleving, waren de belangrijkste oorzaken voor de functie als economische topspeler. Aan het einde van de zeventiende eeuw verloor de Republiek haar rol als economische supermogendheid langzamerhand aan Engeland. De toenemende interne belangenstrijd en de opkomst van de nieuwe grootmachten Engeland en Frankrijk waren de belangrijkste oorzaken van deze economische neergang. Zo snel als de economische groei voorspoedig verliep zo snel brokkelde hij ook weer af in de nadagen van de Gouden Eeuw.

Ook interessant:
Jan de Vries, Ad van der Woude, The first modern economy: success, failure, and perseverance of the Dutch economy, 1500-1815 (Cambridge, 1997), pp. 665-683
Jonathan Israel, Dutch primacy in world trade 1585-1740 (Oxford, 1989), pp. 377-398
http://www.amazon.com/Dutch-Primacy-1585-1740-Clarendon-Paperbacks/dp/0198211392 

 Immanuel Wallerstein, The Modern Wolrd System vol 2: Mercantilism and the consolidation of the European world-economy, 1600-1750 (New York etc. 1980), pp. 245-255 en 276-289

Projectweek Veenendaal

Vrede van Utrecht op School